Een heel kantoor verwarmen terwijl maar een paar werkplekken bezet zijn, voelt al snel als energieverspilling. Zeker met hybride werken komt het regelmatig voor dat een kantoor op maandag vol zit, terwijl op vrijdag maar een paar medewerkers aanwezig zijn.

Infraroodverwarming kan dan interessant zijn. In plaats van de volledige ruimte op temperatuur te brengen, verwarm je gericht de plekken waar mensen daadwerkelijk zitten. Dat klinkt efficiënt, maar infraroodpanelen zijn niet automatisch de goedkoopste of duurzaamste oplossing voor ieder kantoor.

Hoe werkt infraroodverwarming?

Een traditionele radiator verwarmt vooral de lucht in een ruimte. Die warme lucht verspreidt zich vervolgens door het kantoor.

Infraroodpanelen werken anders. Ze geven stralingswarmte af, waardoor mensen en oppervlakken binnen het bereik van het paneel rechtstreeks worden verwarmd. Daardoor kan een werkplek comfortabel aanvoelen terwijl de luchttemperatuur in de rest van de ruimte lager blijft.

Volgens Milieu Centraal is dat vooral interessant wanneer je een specifieke plek wilt verwarmen of een ruimte maar kort gebruikt. De warmte is gericht en wordt vooral gevoeld binnen enkele meters van het paneel.

Voor een kantoor kan dat bijvoorbeeld betekenen dat je een bureauzone verwarmt zonder een complete verdieping naar 21 graden te brengen.

Waarom kan infrarood interessant zijn voor een kantoor?

Het grootste voordeel zit niet zozeer in de techniek zelf, maar in gericht verwarmen.

Stel dat je een kantoorruimte van 150 vierkante meter hebt, maar op een rustige dag slechts vier van de twintig werkplekken worden gebruikt. Met een centraal verwarmingssysteem verwarm je mogelijk alsnog een groot deel van de ruimte. Met infraroodpanelen kun je de warmte veel gerichter inzetten.

Dat maakt infrarood vooral interessant voor:

  • kantoren met wisselende bezetting;
  • individuele werkplekken;
  • vergaderruimtes die maar af en toe worden gebruikt;
  • recepties en balies;
  • grote of hoge bedrijfsruimtes;
  • slecht te verwarmen zones binnen een gebouw.

Met aanwezigheids- of bewegingssensoren kunnen panelen bovendien alleen inschakelen wanneer iemand daadwerkelijk op een werkplek aanwezig is. Laat je de panelen branden terwijl niemand er zit, dan verdwijnt een belangrijk deel van het voordeel.

Infrarood is niet automatisch energiezuiniger

Hier ontstaat regelmatig verwarring.

Een elektrisch infraroodpaneel zet elektriciteit om in warmte. Een warmtepomp werkt anders: die gebruikt elektriciteit om warmte uit de omgeving naar binnen te verplaatsen en kan daardoor met dezelfde hoeveelheid stroom veel meer warmte leveren.

Daarom is infraroodverwarming meestal geen logische vervanger van een efficiënt warmtepompsysteem wanneer je een compleet kantoor continu wilt verwarmen.

Milieu Centraal adviseert infraroodpanelen vooral als plaatselijke bijverwarming. Als hoofdverwarming zijn ze vooral geschikt voor zeer goed geïsoleerde gebouwen. Ook in zo’n situatie gebruikt een warmtepomp doorgaans aanzienlijk minder elektriciteit.

De juiste vergelijking is daarom niet:

infrarood versus radiator

maar:

welke ruimtes en werkplekken moet je werkelijk verwarmen, wanneer en gedurende hoeveel uur?

Juist daar kan infrarood voordeel opleveren.

Vooral interessant bij hybride werken

Hybride werken heeft het verwarmingsvraagstuk veranderd. Veel bedrijven hebben nog steeds dezelfde kantooroppervlakte, terwijl de bezettingsgraad sterk per dag verschilt.

Op een rustige dag de volledige installatie laten draaien voor enkele medewerkers kan onnodig zijn. Je kunt dan bijvoorbeeld de algemene temperatuur iets lager houden en bezette werkplekken lokaal bijverwarmen.

Een medewerker zit daardoor comfortabel zonder dat ongebruikte vergaderruimtes, gangen en lege werkzones volledig worden verwarmd.

Dat werkt alleen wanneer je het systeem goed aanstuurt. Slimme thermostaten, zones en aanwezigheidssensoren zijn daarom minstens zo belangrijk als de panelen zelf.

Let op waar je de panelen plaatst

Een infraroodpaneel werkt alleen goed wanneer de straling de persoon of werkplek daadwerkelijk bereikt. Een kast, scheidingswand of ander obstakel kan de warmtestraling blokkeren.

Milieu Centraal adviseert panelen waar mogelijk aan het plafond te plaatsen. Daardoor is de kans kleiner dat meubels de straling tegenhouden. Voor een werkplek kan eventueel een aanvullend klein paneel onder een bureau worden gebruikt om benen en voeten te verwarmen.

Laat daarom vooraf berekenen:

  • hoeveel vermogen je nodig hebt;
  • hoeveel werkplekken verwarmd moeten worden;
  • hoe hoog het plafond is;
  • waar medewerkers zich daadwerkelijk bevinden;
  • welke delen van de ruimte buiten het stralingsbereik vallen.

Een paar willekeurig opgehangen panelen leveren niet automatisch een comfortabel kantoor op.

Hoge bedrijfsruimte? Dan wordt infrarood extra interessant

Infraroodverwarming kan bijzonder interessant zijn in hoge ruimtes.

Bij traditionele luchtverwarming stijgt warme lucht omhoog. In een hal of bedrijfsruimte met een plafond van vijf of zes meter kan daardoor veel energie worden gebruikt om lucht bovenin de ruimte op te warmen, terwijl werknemers beneden staan.

Met infrarood kun je juist de werkzone verwarmen.

Dat ziet ook de overheid als een mogelijke energiezuinige toepassing. Elektrische infraroodpanelen voor het plaatselijk verwarmen van bestaande binnenruimtes met een gemiddelde hoogte van meer dan vier meter staan in 2026 op de Energielijst voor de Energie-investeringsaftrek. Een aanwezigheidssensor mag onderdeel zijn van die investering.

Voor een standaard kantoor met een plafondhoogte van ongeveer 2,5 meter geldt deze specifieke EIA-code dus niet.

Mogelijk fiscaal voordeel via de EIA

Voldoet je investering aan de voorwaarden van de Energielijst, dan kun je als ondernemer mogelijk gebruikmaken van de Energie-investeringsaftrek (EIA).

In 2026 mag je via deze regeling 40% van de kwalificerende investeringskosten extra aftrekken van je fiscale winst. Volgens RVO levert dat gemiddeld ongeveer 10% netto belastingvoordeel op.

Daarvoor moet het bedrijfsmiddel wel exact voldoen aan de voorwaarden op de Energielijst. Voor de specifieke code voor infraroodpanelen gaat het bijvoorbeeld om plaatselijke verwarming van ruimtes met een gemiddelde hoogte van meer dan vier meter.

Ga dus niet uit van de gedachte dat ieder infraroodpaneel op kantoor automatisch subsidie of fiscaal voordeel oplevert.

Controleer vóór aanschaf de actuele voorwaarden bij RVO en dien een eventuele EIA-melding op tijd in.

Denk aan je elektriciteitsaansluiting

Van gasverwarming overstappen op elektrische infraroodpanelen verlaagt je gasverbruik, maar verhoogt uiteraard je elektriciteitsvraag.

Bij een paar panelen zal dat meestal geen probleem zijn. Wil je tientallen werkplekken of een grote bedrijfsruimte elektrisch gaan verwarmen, dan kan het benodigde aansluitvermogen flink oplopen.

Dat verdient extra aandacht nu bedrijven in verschillende regio’s te maken hebben met netcongestie. RVO adviseert ondernemers die willen elektrificeren of uitbreiden daarom eerst inzicht te krijgen in hun elektriciteitsverbruik en beschikbare netcapaciteit.

Kijk dus niet alleen naar hoeveel stroom een paneel per uur gebruikt, maar ook naar het gelijktijdige piekvermogen wanneer alle panelen tegelijk inschakelen.

Heb je zonnepanelen? Dan kan eigen opwek financieel aantrekkelijk zijn, maar houd er rekening mee dat de grootste verwarmingsvraag meestal in de winter ligt, precies wanneer zonnepanelen relatief weinig produceren.

Vergeet de isolatie niet

Een verwarmingssysteem lost een slecht geïsoleerd kantoor niet op.

Wanneer veel warmte via ramen, dak, gevel of tocht verloren gaat, moet ieder verwarmingssysteem harder werken. Ook bij infrarood kunnen koude oppervlakken het comfort beïnvloeden.

Begin daarom met maatregelen die de warmtevraag verlagen. Denk aan:

  • dak- en gevelisolatie;
  • beter glas;
  • kierdichting;
  • goed ingestelde ventilatie;
  • zonering van ruimtes;
  • slimme thermostaten.

Voor veel kantoren geldt bovendien al sinds 2023 minimaal energielabel C. Een kantoorgebouw dat onder deze verplichting valt en niet aan de eisen voldoet, mag in beginsel niet meer als kantoor worden gebruikt.

Heb je een ouder kantoor, kijk dan dus naar de volledige energieprestatie van het gebouw en niet alleen naar een nieuwe warmtebron.

Wat kost infraroodverwarming op kantoor?

De aanschafprijs verschilt sterk per vermogen, formaat, regeling en installatie. Veel belangrijker is echter hoeveel uur de panelen werkelijk aanstaan.

Een paneel van 700 watt dat acht uur onafgebroken op vol vermogen draait, gebruikt maximaal 5,6 kWh elektriciteit. Met een thermostaat of aanwezigheidssensor zal het werkelijke gebruik vaak lager liggen.

Daarom kun je kosten het beste berekenen op basis van:

vermogen × aantal panelen × werkelijke gebruiksduur × jouw zakelijke elektriciteitstarief.

Vergelijk dat vervolgens met de energie die je bespaart doordat de centrale verwarming lager staat of bepaalde ruimtes helemaal niet meer worden verwarmd.

Alleen kijken naar het stroomverbruik van het infraroodpaneel geeft dus geen eerlijk beeld. De besparing ontstaat pas wanneer je ergens anders daadwerkelijk minder energie verbruikt.

Infrarood, airco of warmtepomp?

Welke techniek het beste is, hangt sterk af van het gebouw.

Wil je een volledig kantoor dagelijks verwarmen en is het pand redelijk goed geïsoleerd? Dan is een warmtepomp of lucht-luchtwarmtepomp vaak efficiënter dan directe elektrische verwarming. RVO vermeldt voor bepaalde lucht-luchtwarmtepompen voor bestaande bedrijfsgebouwen bijvoorbeeld een seizoensrendement met een SCOP van minimaal 4,0 voor EIA-toepassingen. Dat betekent dat zo’n systeem veel meer warmte kan leveren per eenheid elektriciteit dan directe elektrische verwarming.

Heb je daarentegen één werkplek die drie dagen per week wordt gebruikt, dan kan het onlogisch zijn om daarvoor de hele installatie te laten draaien. Juist daar kan een infraroodpaneel efficiënter uitpakken.

In de praktijk kan een combinatie daarom interessant zijn: een efficiënte basisverwarming voor het gebouw en infrarood als lokale bijverwarming.

Wanneer is infraroodverwarming op kantoor slim?

Infrarood is vooral interessant wanneer je niet het hele gebouw hoeft te verwarmen.

Denk aan kantoren met wisselende bezetting, individuele werkplekken, incidenteel gebruikte ruimtes of hoge bedrijfshallen. Met goede sensoren kun je de warmte precies inzetten waar en wanneer deze nodig is.

Wil je daarentegen een volledig kantoor iedere werkdag langdurig elektrisch verwarmen, dan is het verstandig om ook een warmtepomp of andere efficiënte centrale oplossing te laten doorrekenen.

Kijk daarom vóór je investeert naar drie zaken: de isolatie van het gebouw, de werkelijke bezettingsgraad en het huidige energieverbruik.

Pas daarna kun je bepalen of infraroodverwarming daadwerkelijk energie en geld bespaart — of vooral je gasrekening vervangt door een hogere elektriciteitsrekening

Deel dit artikel
/ODB-LAST-UPDATED v1